deatil | zuidelijke folie / water   referentiebeeld | follie / duiventil

3.2.2 Wandelpadenstructuur
De bospadenstructuur wordt gevormd door paden die vanaf de hoofdontsluitingsstructuur het gebied verder ontsluiten.

Streefbeeld
De structuur is primair bedoeld voor voetgang-ersverkeer. De structuur is toegankelijk voor onderhoudsverkeer, maar voor overig verkeer afgesloten middels togangspoorten of palen.

Materialisatie
De materialisering bestaat uit een half-verharding, gelijk aan de halfverharding van de landgoedstructuur. De paden hebben een breedte van 2,5 meter en zijn niet ingesloten (zie referentiebeeld 3). De toegangspoorten worden nader bepaald.

3.3 Inrichtingsaspecten follies en objecten

“...Follies bestaan slechts bij de gratie van hun beschouwer....zonder de reactie van een passant bestaan ze niet...”
De beide eindpunten van de centrale as worden gemarkeerd door eenvoudige follies. Het hoofd-thema voor het uitwerking van de follie sluit aan op de aard en het karakter van het landgoed. De kleur en de materialen dienen in het gehele landgoed één geheel te vormen. Robuust met oog voor detail.

Streefbeeld follies
De twee follies krijgen elk een ander thema. De follie op het eindpunt van de centrale as, ter hoogte van de hoeve Roodselaar, krijgt het thema

 

‘boerderij’. Het streefbeeld van de follie is een duiventil gemaakt van hout met een ‘zwevende’ rieten kap. De follie in het zuiden, ter hoogte van de Fliertsebeek, krijgt als thema ‘water’. Een beukenhaag markeert de plek waardoor het streefbeeld een eenvoudig karakter krijgt, bijvoorbeeld een karakteristieke boom met zitbank. De follies worden nadere uitwerking door een kunstenaar (zie streefbeeld follies).
Beide follies staan in een cirkelvormig verharde plek waarvan het centum gemarkeerd wordt door een strook kinderkoppen (maat: 10x10x10cm).

3.4 Inrichtingsaspecten terreinmeubilair

Op verschillende plekken op het landgoed wordt meubilair geplaatst. Onder het meubilair wordt verstaan: banken, verlichtingen, trappen en hekwerken.

Streefbeeld
Uitgangspunt voor het gebruik van meubilair op het landgoed is een sobere, functionele maar toch stijlvolle vormgeving met een natuurlijke uitstraling. Ook hier dient de vormgeving en het kleurgebruik aan te sluiten bij het gehele landgoed. Robuust met oog voor detail.

Materialisatie
De banken op het landgoed worden uitgevoerd in een subtiele combinatie van hout en metaal (zie referentiebeeld 4). Standaard wordt een bank met rugleuningen gebruikt. In het centrale deel, langs de hoofdas en het centrale plein, wordt gebruik gemaakt van een bank zonder rugleuning. Het landgoed is alleen tussen zonsopgang en zonsondergang toegankelijk. De verlichting op het landgoed is om deze reden geconcentreerd op het